Nederlandse gemeenten geven gezamenlijk jaarlijks ongeveer 185 miljoen euro uit aan Microsoft-diensten, zo blijkt uit onderzoek waarover Security.NL bericht. De cijfers onderstrepen de grote afhankelijkheid van niet-Europese technologiebedrijven binnen de gemeentelijke ICT.
Gemeenten spreken tegelijkertijd steeds vaker over digitale soevereiniteit: de mogelijkheid om digitale infrastructuur, data en technologie minder afhankelijk te maken van enkele grote buitenlandse leveranciers.
Afhankelijkheid is breder dan software
De afhankelijkheid van een leverancier gaat niet alleen over licentiekosten. Ook documentformaten, gebruikersaccounts, cloudopslag, koppelingen, kennis en bestaande werkprocessen kunnen een overstap ingewikkeld maken.
Wanneer een organisatie jarenlang dezelfde software en cloudomgeving gebruikt, kan migreren naar alternatieven technisch en organisatorisch ingrijpend worden. Dat verklaart mede waarom digitale onafhankelijkheid niet eenvoudig met één overstap kan worden gerealiseerd.
Continuïteit blijft belangrijk
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten benadrukt dat gemeenten hun afhankelijkheid willen verminderen, maar tegelijkertijd de continuïteit van dienstverlening moeten waarborgen. Een alternatief moet daarom niet alleen technisch beschikbaar zijn, maar ook betrouwbaar, veilig en beheersbaar.
Rol voor Europese technologie
De discussie gaat ook over de vraag hoeveel publieke middelen naar Europese softwarebedrijven en open-sourceprojecten kunnen gaan. Meer diversiteit in leveranciers kan afhankelijkheden verminderen, maar brengt eveneens nieuwe eisen op het gebied van beheer, beveiliging en ondersteuning met zich mee.
Voor IT-managers is het daarom verstandig om periodiek een afhankelijkheidsanalyse te maken en vast te leggen welke onderdelen van de infrastructuur moeilijk vervangbaar zijn.
Bron: Security.NL — 29 september 2026.




